Een lange geschiedenis

De Hervormde Kerk in Haastrecht is een laatgotische kruiskerk waarvan alleen het korte schip, het dwarsschip en de toren over zijn. De drie beuken van de kerk zijn gebouwd in de vorm van een zogenaamde ‘pseudobasiliek’, waarbij er geen ramen te vinden zijn tussen het lagere dak van de zijbeuken en het hogere dak van het middenschip. De zijbeuktraveeën hebben topgeveltjes.



De kerk is door de eeuwen heen meerdere keren verwoest en hersteld en kent dus niet alleen een lange, maar ook een roerige geschiedenis. Al tussen 1275 en 1280 is sprake van een Kerk te Haastrecht. Het onderste deel van de toren dateert mogelijk nog uit die tijd. In de veertiende en de vijftiende eeuw vonden verscheidene verbouwingen plaats.

In 1511 werd de kerk door Gelderse troepen in brand gestoken. Tijdens de reformatie, in 1570, ging de inmiddels herstelde kerk over van katholieke in protestante handen.
 
Rond 1575 werd het kerkgebouw opnieuw verwoest, hetzij door brand, hetzij door oorlogsgeweld tussen Geuzen en Spanjaarden. Pas in 1609 wordt een begin gemaakt met herstel van het kerkgebouw. Bij de herbouw in 1609-1611 is het koor niet herbouwd. Alleen de eerste meters van het koor zijn nog in de huidige kerk herkenbaar. Aan de buitenzijde van de kerk is de omtrek van het vroegere koor nog zichtbaar.

In 1726 werd Haastrecht getroffen door overstromingen, waardoor vele graven in de kerk invielen.

In 1896 brandde de kerk opnieuw af. Oorzaak waren de verkeerd geïnstalleerde rookleidingen van nieuw aangeschafte kachels, die het dak vlam deden vatten. De kerk en de toren werden direct herbouwd.


De kerk vóór de brand van 1896.

Op 12 juni 1964 werd de kerk wederom getroffen door een grote brand, die ontstond tijdens loodgieterswerkzaamheden. Hierna werd de kerk gerestaureerd naar de toestand van vóór 1896.
 
In 2004 is het overgebleven koorgedeelte (het huidige liturgisch centrum) van de kerk gerestaureerd. Waarschijnlijk ten gevolge veranderingen in het grondwaterpeil zijn de funderingspalen weggerot en dreigde het koor van het gebouw los te breken. Mede door de inspanningen van de leden van de kerk is het kerkgebouw hersteld en nu mooier dan tevoren.


Het interieur in het begin van de twintigste eeuw, met het orgel aan de oostzijde, op de plek van het vroegere koor.


Toren

De toren van de kerk, in bezit van de gemeente Krimpenerwaard, is een grotendeels ingebouwde stenen toren met een houten torenbekroning. Het stenen gedeelte is vierkant en is op de top voorzien van een balustrade met op elke hoek een stenen leeuw. De toren heeft vroeg-gotische vormen en heeft getraceerde blindnissen. De torenbekroning is van hout en bestaat uit drie delen. Het onderste deel is vierkant, de bovenste twee delen zijn zeshoekig. De toren is op de top voorzien van een windhaan.

Als gevolg van verzakking naar het zuidwesten is de toren waarschijnlijk in de 17de eeuw gestut met een gemetselde steunbeer tegen de westzijde van de kerk. In 1711 is de toren onderheid en zijn de fundamenten verbeterd.

In 1897 is de toren (na de brand van 1896) herbouwd. Hierbij is een nieuwe houten torenbekroning naar het ontwerp van F. van der Straaten en H.J. Nederhorst gebouwd. Na deze herbouw ontstonden echter scheuren in de toren als gevolg van in de toren ingebrachte vloeren met ijzeren profielbalken. Door de roestende uiteinden van de balken scheurden de muren. Dit werd versterkt door later in de toren aangebrachte grote ramen. Bij de restauratie van 1960-1962 zijn deze ramen vervangen door blindnissen. Verder is de gotische ingangsboog vervangen door een Romaanse boog.

Bij de brand van 1964 is de toren opnieuw afgebrand. De toren is herbouwd naar de toestand van vóór 1896. Alleen de torenbekroning is herbouwd als een kopie van het ontwerp uit 1897.

 
 
terug